2018 | Enkhuizen | Enkhuizen

Aan de Admiraliteitsweg in Enkhuizen heeft in november 2018 een opgraving plaatsgevonden. Op het perceel stond het veilinggebouw van de voormalige bloemen- en groenteveiling “Bloemenlust” dat rond 1930 is gebouwd. De nieuwbouw krijgt dezelfde hoofdvorm als het oude veilinggebouw en ook de gietijzeren constructie wordt hergebruikt. Vóór de bouw van het veilinggebouw rond 1930 maakte het perceel deel uit van een groot braakliggend terrein. Uit de oude stadsplattegronden blijkt dat dit terrein lag binnen de grote stadsuitbreiding van Enkhuizen die tussen 1590 en 1607 plaatsvond. Op de kaart uit de kroniek van Brandt uit 1666 is te zien dat de locatie ten westen van de Oude Buyshaven en ten oosten van de St Jacobs Burghwal lag. Dit laatste water bestaat nog en vormt nu de westelijke begrenzing van het perceel.

Op de kaart uit 1666 staan ter hoogte van het perceel enkele grote panden. De exacte locatie van die panden is niet te achterhalen doordat de 17de-eeuwse perceelsinrichting verloren is gegaan. Tijdens de economische neergang in de 18de eeuw vond een kaalslag plaats, vooral in de randzones van de stadsuitbreiding.

Historisch is bekend dat ergens tussen de Oude Buishaven en de St Jacobs Burgwal in 1594 een brouwerij met de naam De Hoek stond. Deze moet lang hebben bestaan, want in 1746 wordt als woonadres bij een huwelijk de brouwerij van de Hoek opgegeven.

De opgraving toont aan dat het terrein inderdaad eind 16de eeuw bij de stad werd gevoegd. Een breed water werd gedempt en het terrein werd opgehoogd. Op de bodem van het gedempte water lag een houten trog, mogelijk een deegtrog. Vervolgens verschenen eind 16de eeuw de eerste huizen. Bij de opgraving is de fundering van slieten van fijnspar van een groot pand aangetroffen. De afmetingen van dit pand kunnen niet worden vastgesteld omdat de funderingen grotendeels buiten de opgravingslocatie vielen. De bakstenen muren zijn bij de sloop in de 18de of vroege 19de eeuw volledig verdwenen. Bijzonder is dat zich achter het pand een waterput met uitzonderlijk groot formaat bevond. Deze had een diameter van ongeveer 2,50 meter en was opgebouwd uit gele bakstenen met harde mortel op een fundering van dikke eikenhouten platen. Dendrochronologisch onderzoek wijst uit dat de eik waaruit het hout afkomstig is, is gekapt rond 1595. De waterput is dus direct bij de bouw van het pand gemaakt. Het vermoeden bestaat dat deze heeft behoord bij de genoemde brouwerij De Hoek.

Niet ver verwijderd van de waterput heeft een secreet gestaan, dat via een gemetseld riool loosde op de St. Jans Burghwal. Op het achtererf was daarom geen beerput aanwezig. Helaas kunnen slechts weinig vondsten aan de bewoners of gebruikers van het pand worden gekoppeld.

Op het terrein zijn verder de restanten van de funderingen van enkele kleine huizen gevonden. Aangezien deze geen houten funderingen hadden en net als het grote pand grondig zijn gesloopt, resteerde van deze bebouwing weinig meer.


Deze tekst is geschreven door Christiaan Schrickx en eerder gepubliceerd in de Kroniek van Noord-Holland over 2018. Op dit moment wordt dit project uitgewerkt. In het rapport zullen de laatste resultaten en conclusies te lezen zijn. Als het project is uitgewerkt, zal het rapport op deze pagina te downloaden zijn.